Griekenland is een kwestie van morele prioriteiten

Het Greferendum, de nakende Grexit, het was niet weg te denken uit het nieuws. Analyses, opinies, commentaren en vrije tribunes regenden over de goegemeente. Ze allemaal bespreken is haast onmogelijk en eigenlijk is een originele te schrijven nog moeilijker. Ik zal toch een poging ondernemen door twee zaken te bespreken: soevereiniteit en solidariteit.

Solidariteit

In een eerdere blog besprak ik de evolutionaire basis van solidariteit. Een korte herhaling: de basis van solidariteit is het reciprocerend altruïsme. Reciprocerend altruïsme is mogelijk onder vier voorwaarden:
  1. Wederkerigheid: het gebaar betaalt zich later terug
  2. Kosten: de kost in het heden mag niet groter zijn dan de baten in de toekomst.
  3. Bedrog: profiteurs moeten ontmaskerd & gestraft worden.
  4. Interactie: de mate van interactie tussen gever en ontvanger bepaalt hoe altruïstisch men is.
Elk van deze vier zaken is wat de Griekse crisis bezighoudt:
  1. Wederkerigheid: de schulden die Griekenland heeft kunnen ze nooit terugbetalen. Solidariteit zal dus een netto verlies zijn.
  2. Kosten: de schulden kunnen kwijtgescholden worden maar dat impliceert extra besparingen voor België. De kosten voor solidariteit zijn nog groter.
  3. Bedrog: het is welbekend dat Griekenland door bedrog in de eurozone is terechtgekomen. Afstraffing van de bedriegers blijft wel uit en zorgt voor wrevel bij de donoren.
  4. Interactie: er is weinig interactie tussen gever en ontvanger. De media probeert door empathie te genereren (zoals emotionele reportages) meer solidariteitsgevoel te creëren.
Dit verklaart waarom de EU-leiders zo sterk staan, 3/4 voorwaarden zijn niet vervuld. Het enige dat overblijft is empathie. Links speelt het spel vuil en huilt verontwaardiging. Hardvochtig! Gevoelloos! De burgers zitten zelf in een lastig parket: niemand ontkent de nakende humanitaire crisis maar niemand wilt betalen.

Soevereiniteit

De cognitieve dissonantie is compleet als het van een soevereiniteitsperspectief bekeken wordt. Links gedraagt zich nationalistisch en rechts etatistisch. Links hamert op het zelfbeschikkingsrecht, rechts hamert op de regels. Wie heeft gelijk? Beiden en niemand.

Soevereiniteit van een land wordt aanzien als baas in eigen land. Het land heeft het hoogste gezag. Die soevereiniteit is gelegitimeerd door de volkssoevereiniteit. Dit principe stelt dat al het gezag impliciet door het volk is gedragen en dit door de grondwet en het democratisch proces.

Griekenland is duidelijk geen soeverein land. Zelfs België niet. Alle lidstaten van de EU zijn de facto suzerein. Intern hebben suzereine staten tot op een zekere hoogte soevereiniteit, maar het heeft een deel van zijn soevereiniteit overgedragen aan een supranationaal instituut. Dit onttrekt wel democratische legitimiteit, het gezag van de suzereine staat wordt niet meer gedragen door het volk.

Elke zichzelf respecterende nationalist, conservatief of liberaal gruwelt van suzereiniteit. Het is dus fascinerend en bizar tegelijkertijd om de ophemeling van de EU in die kringen te zien. Betekent dit dat links eurosceptisch is? Niet noodzakelijk. De sociaaldemocratische Dijsselbloem is not amused over het Greferendum.

Links zit in een lastig parket, het herstel van de soevereiniteit impliceert een Grexit maar dit druist tegen hun ideologie van kosmopolitisme. Het is wederom duidelijk dat voorstanders van échte soevereiniteit te vinden zijn bij radicaalrechts. 

Conclusie

Grexit is het enige logische gevolg om het solidariteits- en soevereiniteitsdeficit op te lossen. Wat dan met de humanitaire crisis? Soms is opnieuw beginnen de enige duurzame oplossing voor beide zijden.
0