Het grootste taboe van de liberale democratie: er is geen vrije wil (3)

In de liberale democratie zijn geen taboes, of zou er geen mogen zijn. De theorie is anders dan de praktijk: er zijn taboes. Maar wat als één zaak taboe is voor iedereen? Dan hebben we een probleem. Zo'n taboe is er over de kern van onze liberale samenleving: de vrije wil. In deze blogreeks betoog ik dat de perceptie van vrije wil door onze samenleving simpelweg fout is.

Inleiding

In de eerste blog heb ik betoogd dat determinisme de enige rationele positie is in het filosofisch debat is van de vrije wil. In de tweede blog heb ik uitgelegd wat de wil is en wat de wil stuurt. Het zou nu duidelijk moeten zijn dat de vrije wil een illusie is.

Ik eindigde mijn tweede blog met de opmerking dat dit existentiële angsten opwekt: hoe kan men moreel verantwoordelijk zijn zonder vrije wil? Hoe kan ik meester zijn over mijn toekomst? Hoe kan onze samenleving functioneren zonder vrije wil? Het in vraag stellen van de vrije wil ontketent al die existentiële angsten en leidt tot nihilisme (of dat is de tegenwerping). Dit hoeft niet zo te zijn en dat ga ik nu uitleggen.

Verantwoordelijkheid en schuld

Er heerst de idee dat verantwoordelijkheid is gekoppeld aan de keuzes die de vrije wil heeft gemaakt. Als de vrije wil die keuzes niet heeft gemaakt, dan ontslaat men personen van verantwoordelijkheid, luidt de redenering. In een deterministische wereld; heerst er een doemscenario dat elke advocaat kan pleiten dat zijn cliënt zijn misdaden heeft gepleegd door zijn slechte jeugd, slechte buurt,... Dit is gebaseerd op een verkeerde notie van "verantwoordelijkheid" en daarbij aansluitend, "schuld".

Verantwoordelijkheid is niets ander dan een houding waarbij men de gevolgen accepteert die gedeeltelijk kunnen teruggebracht worden door diens daden of dat de gevolgen redelijkerwijs ingeschat en vermeden konden worden. Verantwoordelijkheid impliceert alleszins niet dat die daden intentioneel waren of dat er een directe link bestaat tussen die persoon en het gevolg. We spreken pas van schuld als het gevolg wel intentioneel was, als de persoon redelijkerwijs de gevolgen kon inschatten en als het gevolg wel direct causaal kan teruggebracht worden tot die persoon. Een persoon die schuldig is, mag gestraft worden. Een persoon die verantwoordelijk is, mag in principe niet gestraft worden (of de straf mag enkel de gevolgen an sich zijn, niet een rechterlijke instantie die een straf oplegt).

Laat ik mij dit illustreren met een voorbeeld. Ik heb een auto. Ik ben verstrooid en ik vergeet mijn auto af te sluiten. Mijn auto wordt gestolen. Mijn vergeetachtigheid maakt mij verantwoordelijk voor het stelen van mijn auto. Ik hoef mij niet schuldig te voelen want ik had niet de intentie om mijn auto vergeten af te sluiten. De enige die schuldig is, is de autodief. Hij heeft intentioneel een auto genomen die niet van hem was en de autodief mag door het gerecht berecht worden. De dief wordt gestraft, mijn enige straf is dat ik mijn auto (even) ben kwijtgeraakt. In theorie zal de dief een tweede keer nadenken voordat deze een auto steel, en ik zal meer zorgzaam zijn tegenover mijn auto.

Straf en autonomie

Voormalig strafrechter Walter De Smedt beklaagde zich nog recent over de straffeloosheid bij justitie:
"Wie de nieuwe doctrine bedacht heeft, is niet uit te maken, maar het is intussen een algemene wetenschap geworden: straffen hoeft niet meer."
Enkelbanden, afkoopwetten, taakstraffen, voorwaardelijke straffen: justitie is een lachertje geworden. Correctionele rechtbank? Wat een billenkletser! De Smedt waarschuwt hoe dit leidt tot allerlei sociale kwalen, van radicalisering tot de graaicultuur.

Zonder straf kan er geen schuld, boete of verantwoordelijkheid zijn. Zonder straf kan niets ons onder druk zetten om moreel te handelen. De nieuwe doctrine luidt: straf mag geen gevolgen hebben, straf mag geen pijn doen, straf mag niet meer bestaan. Dit is de schuld van de orthodoxe liberalen. Anders dan de klassiek-liberalen, zijn de huidige generatie liberalen voorvechters van vrijheid zonder verantwoordelijkheid. Want verantwoordelijkheid is paternalisme, het is vrijheid beperkend.

Natuurlijk is straf niet het enige. Naast de stok heb je ook de wortel. Je kan mensen belonen als ze de goede keuzes. Fiscaliteit is een onontbeerlijk instrument om goed gedrag te promoten. Sensibilisering is nog zoiets, dat probeert communicatief je te overtuigen.

Je kan de drie traditionele methoden van druk in een stijgende volgorde van interventie en sterkte zetten: communicatief, financieel en repressief. Het is evident dat een overheid eerst probeert burgers communicatief en pas later repressief te dwingen, proportioneel tot de noodzakelijkheid.

Liberalen kijken neer op deze traditionele methoden omdat ze "paternalistisch" van aard zijn. Paternalisme heb je in goede en slechte vormen. Paternalisme dat de zelfbeschikking en autonomie van de burger respecteert, is van de goede soort. Zelfbeschikking en autonomie, wat dat betekent dat in de deterministische wereld?

Ten eerste, als de interventie transparant is. Overheden zouden open en bloot moeten communiceren over de intenties van hun beleid. Het beleid zelf zou ook transparant moeten zijn, het moet duidelijk zijn voor de burger dat de overheid intervenieert in de keuze van de burger. Nudging, dat gestoeld is op subtiliteit, is niet-transparant en schendt dus de autonomie van de burger.

Ten tweede, de interventie moet rationeel zijn. Ik bedoel dat de interventie voornamelijk moet appelleren aan de ruiter en slechts in beperkte mate aan de olifant. Burgers moeten dus rationeel kunnen beslissen op basis van systeem 2, niet systeem 1. Nudging appelleert vooral aan de olifant en schendt dus de zelfbeschikking van de burger.

Liberale definities van autonomie incorporeren de afwezigheid van druk, ik stel eerder de ontsnappingsmogelijkheid van druk. Zelfs al is de beperking in beslissingsmogelijkheid door nudging beperkt, omdat door de niet-transparante en diffuse aard van nudging de mogelijkheid om te ontsnappen uitgesloten is, is nudging disproportioneel drukkend.

Zorgplicht

Kan de advocaat pleiten dat de stimuli die zijn cliënt heeft ontvangen zijn acties determineerde? Het equivalent is dat de ruiter geen inspraak had op zijn olifant. Dit lijkt op het eerste gezicht consistent met mijn verhaal. Herinner u dat ik druk in tegenstelling tot de compabilitisten verwierp als voorwaarde voor vrije wil. Enkel als men determinisme combineert met de afwezigheid van druk, kan de advocaat zeggen dat zijn cliënt geen inspraak had.

Een schizofreen die een misdaad pleegt, wordt niet schuldig bevonden. Diens conditie maakte de schizofreen wilsonbekwaam en ontoerekeningsvatbaar: de schizofreen had geen controle over diens daden zoals een gezond persoon dat heeft. De schizofreen wordt niet veroordeeld. [Toch wordt de schizofreen "gestraft" door opsluiting in een psychiatrische instelling. Dit is natuurlijk omdat de schizofreen een gevaar is voor de samenleving.]

In de definitie van verantwoordelijkheid heb ik expliciet toegevoegd dat dit ook toepasbaar is voor gevolgen die redelijkerwijs ingeschat of vermeden had kunnen worden, zelfs als de actor een andere persoon is. Neem nu de schizofreen: als de familie op de hoogte van diens conditie was, maar heeft nagelaten om de schizofreen te colloqueren, dan is die familie bij proxy verantwoordelijk voor de misdaad. De specifieke misdaad hoeft niet voorspeld worden, alleen het feit dat er een redelijk risico bestond dat de schizofreen een gevaar was voor zichzelf of de maatschappij, verplicht de familie om medische hulp te verlenen en indien niet mogelijk, de persoon te colloqueren. In juridische termen heet dit de zorgplicht en deze verzaken is nalatigheid.

Het lijkt banaal, maar de zorgplicht geldt ook voor de persoon zelf. De controverse rond de schuldvraag bij verkrachting of seksuele agressie ligt enerzijds bij de controle die de dader had en anderzijds de zorgplicht die het slachtoffer had tegenover zichzelf. Er zijn twee extreme posities hierin:
  1. Alle verantwoordelijkheid en schuld ligt bij het slachtoffer. Door seksueel te kleden of te gedragen lokte het slachtoffer de misdaad zelf uit. De dader wordt voorgesteld als een persoon zonder controle, de controle ligt bij het slachtoffer. Een onredelijke beperking van de autonomie van potentiële slachtoffers wordt verwacht. Dit is het model van religieus orthodoxe samenlevingen.
  2. Alle verantwoordelijkheid en schuld ligt bij de dader. De dader wordt voorgesteld als een kwaadaardig persoon. Het slachtoffer ontslaat zichzelf van de zorgplicht, de verantwoordelijkheid ligt 100% bij de dader. Een onredelijke eis van zelfcontrole van de potentiële daders wordt verwacht. Dit is het model van individualistische liberale samenlevingen.
Mensen zien eigenlijk geen graten in punt twee. Het is vloeken in de kerk dat een slachtoffer van seksueel verbaal of fysiek geweld enigszins verantwoordelijkheid heeft. Is het niet zo dat in principe een vrouw naakt over het straat mag paraderen zonder zelfs maar een wellustige blik te krijgen? Anders wordt men vaak door de idealisten in de hoek van "victim blaming" of "verkrachting goedpraten" geduwd. [Toen ik deze blog publiceerde werd mij zelfs vrouwenhaat verweten.]

Het equivalent van het naaktheid argument voor een auto is dat ik een Porsche met open deuren en sleutel in het contact parkeer en na een uur verwacht dat die Porsche er nog steeds staat. Nochtans is het geen probleem voor dezelfde idealisten om de Porsche eigenaar als roekeloos of stom te omschrijven. Idealisten zijn het impliciet met mij eens dat de Porsche eigenaar redelijkerwijze inspanningen moet verlenen om het risico te verlagen: auto op slot, alarm aan, indien mogelijk parkeren in gesloten parkingen,...

Dezelfde redenering toepassen op een vrouw is taboe: ga niet alleen 's nachts naar huis, feest in groep, bedek je diepe decolleté met een vest als je buiten de club gaat, drink niet te veel of zorg ervoor dat een betrouwbaar persoon over je kan ontfermen, blijf niet slapen bij vreemden, ... Dit zijn tips die elke moeder/vader meegeeft met hun dochters bij hun eerste feestje. Dit zijn geen onredelijke, excessief inperkende maatregelen. Het zijn effectief risicoverlagende trucs.

Wilt dit zeggen dat het "ok" is dat een onzorgvuldig persoon wordt verkracht of bestolen? Nee, dat is absurd. Niets kan de zulke daad rechtvaardigen. Er is slechts één schuldige: de dader. Wel is er een gedeelde verantwoordelijkheid (maar niet noodzakelijk 50/50) van beide actoren dat deze alles hebben gedaan dat mogelijk was om het misdrijf te vermijden, e.g. de wil te temmen. Een man moet er alles aan doen dat deze de fysieke integriteit van een vrouw respecteert. Een vrouw moet er alles aan doen dat deze geen slachtoffer van seksueel geweld wordt. Voorkomen is nu eenmaal beter dan genezen...

Prudentia en phronesis

Het is wat de Grieken prudentia (voorzichtigheid) noemden. Prudentia is de belangrijkste van alle cardinale deugden omdat prudentia het vermogen geeft om de gulden middenweg te bewandelen.

In Aristoteliaanse deugdethiek staat de gulden middenweg centraal: ethiek lag in de ontwikkeling van karakter. Moed is een deugd omdat het de gulden middenweg is tussen lafheid (tekort aan zelfvertrouwen en overmaat aan angst) en roekeloosheid (tekort aan angst en overmaat aan zelfvertrouwen). Aristoteles benadrukte dat phronesis ("praktische wijsheid", "geschiktheid", "indachtig zijn") van belang was: in plaats van rigoureus hetzelfde te doen, moet de situatie in acht worden genomen. Phronesis moest ontwikkeld worden om uit te maken wat deugdig was in die situatie.

De idealisten zijn niet indachtig of prudent. Als deftigheid, schoonheid een deugd is voor een vrouw, dan zijn vulgariteit (een overmaat aan wellustigheid, toonbaarheid) en preutsheid (een overmaat aan vroomheid, nood aan bedekken) de twee ondeugden. Wat vulgair wordt gezien in een werksituatie, is deftig op een feest en omgekeerd, wat deftig is in een werksituatie, is preuts op een feest. Wat deftig is voor een volwassen jonge vrouw, is vulgair voor een pubermeisje of een oudere vrouw. Idealisten ontkennen de finesse van deftigheid. Alles moet kunnen in elke situatie.

Voor mannen is gewetensvolheid, tempering een deugd, obsessiviteit (een overmaat aan controle, masochisme) en losbandigheid (een overmaat aan zorgeloosheid, hedonisme) zijn ondeugden. Idealisten verklaren mannen de bron van alle kwaad. Zij framen elke actie van een man in een kader van seksisme, patriarchie, "rape culture" en dominantie. Zij duwen mannen in een onnatuurlijke positie van morele austeriteit. Je kan niet verwachten van mannen dat deze apathisch reageren als er een naakte vrouw voorbijkomt. Idealisten zijn dan ook totalitair in de inperking van de mannelijke geest.

In de liberale samenleving heersen de idealisten. Er zijn veel rechten en slechts weinig plichten, of de rechten en plichten zijn ongelijk verdeeld. Er mag geen cultuur van deugdzaamheid heersen want dat is paternalistisch. De samenleving moet tolerant zijn, wat zoveel betekent als onverschillig zijn tegenover het lijden dat onvoorzichtige personen veroorzaken. Het is het soort tolerantie waarbij personen zich isoleren van anderen. Samenlevingen die geen deugdzaamheid cultiveren, gaan ten onder door decadentie.

Ik zie een verkeerde perceptie van vrije wil als de hoofdschuldige hiervan. De grootste slachtoffers zijn vrouwen zelf, die een naïeve versie van de wereld aangeleerd krijgen. Zachte heelmeesters maken stinkende wonden, het is wanneer de idealistische bubbel uiteenspat dat vrouwen onherstelbaar lijden. Voorkomen is beter dan genezen: moeders, leer je dochters een deftige vorm van schoonheid, negeer de valse frivoliteit van de idealisten. Wat stopt trouwens deze idealisten om zelf eens naakt over de Meir te paraderen?

Het perverse is dat de idealisten zichzelf oh zo moreel superieur achten. Tegelijkertijd tentoonstellen ze een soort "seksisme van de lage verwachtingen": ze ontnemen vrouwen hun agency en daarmee alle verantwoordelijkheid. Vrouwen worden niet geacht een temmende wil of de mogelijkheid tot phronesis te hebben. Ze worden gezien als zwak, niet in staat tot zelfredzaamheid of zelfstandig, kritisch en rationeel denken. Sommigen gaan zo ver dat ze van vrouwen denken dat deze biologisch superieur zijn (want vrouwen voelen niet zulke basale emoties als lust, jaloezie of ijdelheid). Vanuit dit denken is de sprong naar de totalitaire onderdrukking van de man slechts klein...

There is such thing as a society

Wat liberalen ook niet begrijpen, is dat druk, tempering sowieso in oorsprong van een ander komt. Het zijn andere mensen die je kunnen temperen, je kan niet uit jezelf dwingen om iets te doen. Je kan jezelf niet dwingen te willen.

Druk kan van de gemeenschap komen. Dit veronderstelt dat de samenleving, net als de wil, een emergent object is en dus bestaat an sich. Ik heb in de vorige blog gemeenschap en cultuur al omschreven als intense samenwerking tot het punt dat het ene niet bestaat zonder het andere. De cultuur, dat zijn ook de verscheidene sociale conventies en tradities die impliciet geaccepteerd worden in de gemeenschap en bij elke generatie gesocialiseerd worden. De cultuur is als het ware de wil van de gemeenschap.

[In de 19de eeuw is het concept van een natie geformuleerd omdat men toen ontdekte dat er verschillende gemeenschappen of lichamen bestonden met elks een eigen cultuur of geest. De gemeenschap (als lichaam) en de cultuur (als geest, wil) moesten abstract samenkomen en zo ontsprong de natie (als objectief bestaande persoon met intrinsieke bestaanswaarde). Nationalisme draait rond het proces van bewustwording. Het constructivisme met vlaggen en liederen achteraf is slechts bedoeld om de natie-as-personen te onderscheiden van andere naties-als-personen, net zoals tatoeages en kledij dat doen bij mensen. De constructen an sich zijn niet essentieel voor de natie (als in onderdeel van de kern, essentialisme) maar slechts functioneel-psychologisch essentieel (voor uiting en zelfbewustzijn). Symboliek mag niet achteloos weg gerationaliseerd worden. Dit even terzijde.]

Een belangrijke taak, functie of doel van de gemeenschap is het formuleren, handhaven en doorgeven van de sociale conventies nodig om het bestaan van die gemeenschap te waarborgen. Over de geschiedenis heen zijn taken die initieel door de gemeenschap werden opgenomen, doorgeschoven naar de staat of andere organisaties. Dit proces staat bekend als institutionalisering. [Een instituut wordt door Samuel Huntington gedefinieerd als "stable, valued, recurring patterns of behavior" wat zo breed is dat het alles van de staat tot het gezin kan zijn. Instituut wordt door mij in strikte zin gedefinieerd, de patronen die geformaliseerd worden in geschreven regels, onpersoonlijk worden van aard en worden uitgevoerd en afgedwongen door organisatorische structuren met de bedoeling een vruchtbare sociale orde te creëren. Een maatschappij is het geheel van instituties, je hebt de burgerlijke maatschappij (private organisaties, bedrijven en verenigingen) en de politieke maatschappij (publieke organisaties, de staat dus).]

Het sociaal contract is een idee dat werd bedacht door een aantal Verlichtingsdenkers om de autoriteit van de staat te legitimeren. De naam "contract" is misleidend want elke concept ervan ging uit van druk om het contract te handhaven, ook al was men het niet eens. Het is geen contract in de liberale zin van een vrijwillige overeenkomst. De staat heeft de geweldsmonopolie en kan dus personen fysiek dwingen te gehoorzamen aan de wet.

Ik vermeld Rousseau die in Europa het meest van invloed was. Volgens hem is de staat gelegitimeerd door de collectieve wil van de mensen. Het contract kon enkel democratisch (met een 50%+1 meerderheid) veranderd worden. Mensen die met het contract niet eens zijn, kunnen dat enkel in woorden niet in daden tot uiting brengen. Het breken van het contract geeft de staat de autoriteit om je te straffen. Rousseau heeft hierbij impliciet de socialiteit van de trichotomie geofficialiseerd. De staat werd de institutionalisering van de socialiteit. [Een centrale doctrine van het nationalisme is het samenvallen van natie en staat, wat ook veel verklaart.]

Tegelijkertijd is er de Lockeaanse versie die meer op individuele rechten is gebaseerd. De legitimiteit van de staat is eerder geformuleerd in het niet-schaden van individuen hun rechten, hetzij door de staat (rechtsstaat), hetzij door andere individuen (strafrecht, burgerlijk recht). Die rechten worden zo geformuleerd dat deze het algemeen belang behartigen.

Demon van Laplace

De grootste angst voor het niet bestaan van de vrije wil is niet dat personen onverantwoordelijk worden. De grootste angst is dat iemand met kennis van de deterministische processen de koers van de mensheid zou kunnen bepalen. Zo'n iemand is de demon van Laplace:
"Als er een intelligentie zou zijn die, op een gegeven moment, alle krachten zou kennen die op de materie inwerken, alsook de exacte situatie van elk onderdeel van alle materie, dan zou deze alle bewegingen van de grootste hemellichamen tot het kleinste atoom kunnen omvatten, en zou er niets meer onzeker zijn voor deze intelligentie; het verleden net als de toekomst worden voor hem zichtbaar gemaakt."
De angst is diepgeworteld in de anti-ASI beweging en in series als Person of Interest. Tegen het einde van de serie is er een gevecht tussen twee artificiële superintelligenties, The Machine en Samaritan, de eerste is een creatie van iemand die deze bewust heeft beperkt en de andere is een creatie van iemand die deze bewust almachtig en heersend heeft gemaakt. In de serie worden ze beide omschreven als goden.

Psycholooog Jordan Peterson legt uit (vanaf 36:30 tot 55:40) waarom een ASI nog niet bestaat. Simpelweg de wereld observeren is niet genoeg om betekenis uit te halen. Feiten presenteren zichzelf niet als evident. Perceptie bleek de struikelblok te zijn voor de ASI. De postmodernen denken dat het aantal interpretaties oneindig zijn en de canonieke interpretatie niet bestaat, Jordan Peterson gelooft dat dit een logische fout is. Het aantal interpretaties van de wereld is beperkt door een doel. Het doel zou zo geformuleerd moeten zijn dat het je noden vervult vandaag, morgen, over een jaar en dat dit doet vanuit een sociale context van competitie en coöperatie. Vanuit zo'n doel kan je de wereld interpreteren op zo'n manier dat het betekenis geeft. Daarom bestaat er geen ASI, omdat de ASI geen doel of lichaam heeft; "denken is voor doen".

Staatsterreur

Over de geschiedenis hebben verscheidene personen gepretendeerd dat zij een doel kunnen formuleren dat goed is voor iedereen. Vooral de communistische dictaturen waren erg, omdat zij pretendeerden de deterministische processen te kunnen controleren om dat doel te kunnen bereiken. Zij deden dit uit goede bedoelingen, zij geloofden dat zij een utopische samenleving konden designen vanuit een schone lei.

Locke als liberaal hecht veel geloof in het individu dat weet wat het algemeen belang is. Als een staat het algemeen belang schaadt, dan hadden de burgers recht op revolutie. Dat is exact wat marxisten dachten: zij wisten wat het algemeen belang was en gebruikten gewelddadige revolutie om een nieuwe staat in te richten. Locke als liberaal spreidde het bedje voor anti-liberalen.

Locke was fout te denken dat het algemeen belang kon afhangen van de interpretatie van één of enkelen personen. Eén persoon is gebrekkig in kennis voor het interpreteren van de complexe wereld. Daarvoor zijn mensen te bevooroordeeld en moreel imperfect. Hoe weet deze persoon dat zijn of haar interpretatie de juiste is? Hoe kan deze zijn of haar interpretatie opleggen aan anderen?

Dat was ook de belangrijkste thesis van Friedrich Hayek tegen centrale planeconomieën: geen enkele econoom is slim genoeg om uit te maken wat het beste is voor iedereen. De prijs van goederen en diensten, bepaald door de koop en verkoop van individuen, is een constant referendum. Geen enkele econoom kan iets inbrengen tegen de collectieve wijsheid van duizenden.

De redenering kan even makkelijk omgedraaid worden: waarom zou het individu, met al diens beperkingen en tekortkomingen, weten wat goed voor hem of haar is? Waarom zou de collectieve wijsheid geen invloed mogen hebben op het individu door deze te beperken, zoals Rousseau dacht? Er is dus een missmatch tussen die twee.

Collectieve wijsheid

De fout is dat de collectieve wijsheid wordt opgevat als de som van de individuen, met de assumptie dat individuen onafhankelijk van elkaar beslissen. Vanaf dat er een feedback loop is van de collectieve wijsheid naar het individu, loop het mis. De kuddementaliteit kan de overhand nemen en het effect van de collectieve wijsheid teniet doen. "Moral thinking is for social doing", weet je nog. Het resultaat is dan niet wijs maar een deliberatieve consensus. Dat is wat onderzoek heeft uitgewezen.

Toch is een tegenargument te bedenken waarom Rousseau gelijk heeft. Rousseau was een voorstander van directe democratie, niet representatieve democratie. Het waarom wordt duidelijk: wie zit in het parlement wordt grotendeels gekozen door de partijleiders en zij kiezen trouwe partijsoldaten met een kuddementaliteit. Het parlement dat stemt is niet onafhankelijk en vooral, niet divers. Diversiteit van opinie (niet huidskleur of geslacht!) is wat een collectief wijs maakt en een matigende effect heeft op de beslissing. De gehele samenleving is meer divers dan welk denkbaar parlement ook, en is te groot om te beslissen naar consensus door in interactie te gaan met elke persoon. Daarom werkt de democratie en heeft een democratische meerderheid autoriteit.

Het democratisch model van Rousseau werkt slechts op twee voorwaarden: in een samenleving die een zekere mate van pluralisme internaliseert en vrije uitwisseling van ideeën bevordert. Dit kan enkel als er Lockeaanse rechten worden geformuleerd die vrijheid waarborgen. De ideeën van Locke en Rousseau houden dus elkaar in balans.

Conclusie

Vrije wil is volgens mij de temmende wil. De temmende wil volgt uit verantwoordelijkheid: daden hebben gevolgen. Enkel als de daad intentioneel is, kunnen we spreken van schuld. Straf en boete zijn noodzakelijke elementen om mensen te motiveren henzelf te temmen en ook te zorgen voor anderen. Een cultuur van deugdzaamheid is noodzakelijk voor mensen om een goed en gebalanceerd leven te leiden. Dan gaan ze meer aangespoord zijn zichzelf onder druk te zetten.

Druk wordt uitgeoefend door de gemeenschap, en de institutionele variant, de staat. Die staat dient gelegitimeerd worden. Het concept van een "sociaal contract", bedacht door Locke en Rousseau, is hier van belang. De liberale democratie is de concretisering van de socialiteit in de trichotomie lichaam-geest-socialiteit.

Toch moeten we geen schrik hebben dat een artificiële superintelligentie of een totalitaire dictatuur ons levens gaan bepalen. Een persoon is te gebrekkig om zo'n macht te hebben, het is beter te geloven in een collectieve wijsheid gelimiteerd door pluralisme en vrije uitwisseling van gedachten.

In de volgende en laatste blog, zou ik het over de existentiële implicaties van de temmende wil willen hebben.
0