Het identitaire is het politieke

Nog maar eens is er discussie over het hoofddoekenverbod op school. Al jarenlang worden die discussies gevoerd, zonder resultaat. Voorstanders van het hoofddoekenverbod bijten in het zand juridisch. Tegenstanders van het hoofddoekenverbod verliezen bij de res publica. Zo komen we nergens. Het besef groeit dat het huidige cultureel-libertarisme heeft gefaald. Tijd voor een communitaristische benadering.

Inleiding

Door aanhoudende immigratie en lakse integratiepolitiek is de West-Europese samenleving onherroepelijk veranderd. Grote groepen in onze samenleving staan vijandig tegenover diezelfde samenleving. Het gaat om kleine en grote incidenten: islamitische terreuraanslagen maar ook deloyaal gedrag. Ondertussen blijft de tegenreactie niet uit: recent is een moslima aangerand en verminkt, vermoedelijk is het een haatmisdrijf.

Het wordt duidelijk dat de 21ste eeuw zich gaat kenmerken door het identitaire. Het hoofddoekendebacle is maar één van de symptomen van de identitaire crisis. Othman El Hammouchi pleit voor aparte moslimscholen zolang "hun religieuze gebruiken op georganiseerde wijze worden uitgeroeid" en wie niet hoofddoeken wil toelaten op scholen dient volgens Othman "niet pretenderen beter te zijn dan Iran". Met zo'n hyperbool taalgebruik is dialoog niet mogelijk.

Aan de overzijde droomt men van een samenleving waar niemand meer gelooft in godsdienst. Zulke dromen zijn een gevaarlijke vorm van zelfbedrog. Religie zal altijd deel uitmaken van de menselijke conditie en er zullen altijd botsingen zijn tussen vrijzinnigen en religieuzen. "Dat het soort religieus fascisme in onze progressief denkende samenleving niet omarmd, vergoelijkt, geminimaliseerd maar in klare taal afgewezen werd", tja hoe kan je daarmee praten?

Er dient dus een meer evenwichtige dialoog komen op basis van welbegrepen belangen. Om onze samenleving te behouden, beperkingen aan de vrijheden zal moeten opgelegd worden. Business-as-usual zal leiden tot etnische onlusten en een religieuze burgeroorlog.

L'histoire se répète

Wat we meemaken is niet nieuws. Er zijn parallellen met de sociale onlusten van eind 19de eeuw en begin 20ste eeuw. De snelle Industriële Revolutie bracht veel welvaart maar die welvaart accumuleerde slechts bij enkelen. Fabrieksarbeiders werden uitgebuit. De ideeën van Karl Marx spreidde als een vuur. Het volk morrelde.

De IJzeren Kanselier Otto von Bismarck was de eerste die het opkomend marxisme probeerde te ontzenuwen met een rudimentair socialezekerheidsstelsel. Na de Grote Depressie en de opgang van het nazisme werd het duidelijk dat dit niet voldoende was. Vanaf de jaren '50 kwam het ordoliberalisme in opgang en dit resulteerde in het Rijnlandmodel van de markteconomie en de welvaartsstaat. Sindsdien is het socio-economische geen bedreiging meer voor de samenleving.

Ook dit zal gebeuren met het identitaire. Het cultureel-libertarisme van "vrijheid, blijheid", de nalatenschap van mei '68, bracht veel vrijheid. Dit is geen probleem zolang er een brede consensus is. Alleen zijn er nu veel groepen die de algemene consensus verwerpen. Vrijheid wordt hierdoor een eroderende kracht die de gemeenschap verder doet splijten. Etnische-religieuze onlusten dreigen. Radicaalrechts krijgt wind in de zeilen. Het zullen wederom de centristen zijn die de ommezwaai moeten maken en meer nadruk zullen moeten leggen op het identitaire.

De eerste pioniers

Gebeurt dit ook? Het begint te dagen bij de christendemocraten en sociaaldemocraten dat de staat dient in te grijpen.

Horst Seehofer, de baas van de Beierse CSU, neemt een hard standpunt in tegen Merkel. Merkel werd door hem gedwongen om een Europees migratiedeal af te sluiten. De tanker keert traag maar keert wel. Wat enkele jaren ondenkbaar was, is nu bespreekbaar: controlecentra aan de buitengrenzen en een meer gespierd asielbeleid. Seehofer was ook de architect van het idee van een Ministerie van Heimat.

De jonge Oostenrijkse kanselier Sebastian Kurz is ook een christendemocraat die het licht heeft gezien. Hij doorbrak het Europees cordon rond de rechts-populisten door met de FPÖ in een anti-immigratieregering te stappen. Kurz is ook de enige West-Europese leider die de Visegradlanden niet als paria's behandelt.

De Deense sociaaldemocraten hebben het stilaan ook door. De Denen zagen dat alle bezorgdheden over de Deense identiteit wegzetten als racisme en xenofobie mensen alleen maar pushten naar het rechts-populisme. Hun revelatie: immigratie gaat ten koste van het onderwijs en de verzorgingsstaat. Zo wordt halal niet meer opgediend in de kleuterscholen.

In Vlaanderen is het taboe nog sterk. De N-VA, niet CD&V en sp.a, komt met een meer gespierd migratiebeleid. N-VA gaat nog niet zo ver als de Denen of de Oostenrijkers: het cordon rond Vlaams Belang is sterker dan ooit en N-VA burgemeesters hebben halal nog niet van het menu van de scholen gehaald.

John Crombez pleitte twee jaar geleden voorzichtig voor een push-backbeleid, maar werd door het partijbestuur genadeloos teruggefloten. Hendrik Bogaert schreef een essay over identiteit en een openbaar verbod voor hoofddoeken, maar zijn voorzitter distantieerde er onmiddellijk van. Pieter De Crem, nog een rechtse CD&V'er, uitte zijn ongeloof over een Europese islam en werd door jongerenvoorzitter Sammy Mahdi terechtgewezen. De geesten zijn nog niet rijp genoeg.

It's the community, stupid!

Het essay van Hendrik Bogaert verdient meer aandacht. Niet omdat zijn voorstellen praktisch uitvoerbaar zijn, maar omdat hij de juiste analyse maakt. Eigen aan de pioniers is dat de eerste stappen al waggelend worden gezet, waarbij het juiste evenwicht nog niet is gevonden. In een vrije samenleving kunnen we met constructieve kritiek de gedachten beter formuleren. Door trial and error gaan we er komen.

In ieder geval, Hendrik Bogaert heeft drie rake observaties gemaakt (ingekorte versie):
"Een eerste argument is dat we ook in sociaaleconomische thema’s – terecht – de vrijheid of de ongebreidelde werking van de markt inperken zodat we een welvaartsstaat kunnen opbouwen en in stand houden. (...) Indien het klopt dat we zo succesvol zijn met redelijk en proportioneel tussenkomen in economische en sociale zaken, kunnen we dit dan ook doen op het vlak van identiteit?
Een tweede argument is dat de vrijheid om de samenleving volledig te kunnen omarmen, een essentiële vrijheid is.  Een visueel gesplitste samenleving maakt dit moeilijker omdat de sets van waarden dan openlijk gecommuniceerd worden.  (...)
Vrijheid van religie is zeker één van de mooiste basisrechten van elke mens op aarde.  Maar de vrijheid van religie komt op een bepaald ogenblik in conflict, of in dialoog, met de vrijheid om de samenleving volledig te kunnen omarmen.  Dan moet je afwegen, dit is niet tégen de mensenrechten en de fundamentele vrijheden zoals sommigen stellen. Het is wel tussenkomen, de vrijheden van de enen matig inperken om blijvend te kunnen garanderen dat anderen nog vrijheden over houden. (...)
Een derde argument is dat we een onderscheid moeten maken tussen enkelingen en een grote groep: dat is het argument van schaal.  In het eerste geval kunnen we spreken over een mooie bloem in de wei en valt het fenomeen onder diversiteit, in het tweede geval zitten we duidelijk in een sociologisch perspectief.  Indien alle supporters van AA Gent dagelijks naar hun werk zouden gaan met een op zich onschuldige supporter sjaal rond de hals, dan is het moeilijk om te argumenteren dat er sociologisch niets aan de hand zou zijn.  (...)"
Het eerste argument van Hendrik Bogaert is in overeenstemming met mijn historische analyse. Zoals Paracelsus in de 15de eeuw zei: "Alle Dinge sind Gift, und nichts ist ohne Gift; allein die dosis machts, daß ein Ding kein Gift sei." Ook liberalisme heeft in overmaat de potentie toxisch te worden. Het is aan een communitarist om dan in te grijpen. We hebben het gedaan voor het socio-economische, nu wordt het tijd voor het identitaire.

Het tweede argument van Hendrik Bogaert is dat de vrijheden botsen. Hij contrasteert de godsdienstvrijheid met wat hij noemt "de vrijheid om de samenleving te omarmen". Het is eerder dat hij de paradox heeft ontdekt dat vrijheid maar kan gedijen in een samenleving met vastgelegde tradities, instituties, gewoontes, normen en waarden. Zoals Friedrich Hayek eloquent formuleerde in hoofdstuk 4, pagina 115 van The Constitution of Liberty:
"To the empiricist evolutionary tradition, on the other hand, the value of freedom consists mainly in the opportunity it provides for the growth of the undesigned, and the beneficial functioning of a free society rests largely on the existence of such freely grown institutions. There probably never has existed a genuine belief in freedom, and there has certainly been no successful attempt to operate a free society, without a genuine reverence for grown institutions, for customs and habits and “all those securities of liberty which arise from regulation of long prescription and ancient ways.” Paradoxical as it may appear, it is probably true that a successful free society will always in a large measure be a tradition-bound society."
Het grootste cultureel kapitaal is voorspelbaarheid en vertrouwen. In een samenleving zo groot als de onze ga je veel vreemde mensen ontmoeten. Met een gemeenschappelijke sokkel van bepaalde waarden en normen kunnen mensen anticiperen hoe andere mensen reageren. Dit laat productieve coöperatie toe.

In een samenleving van mensen met verschillende culturele achtergronden valt deze voorspelbaarheid weg. Mensen hebben hierdoor meer wantrouwen en het sociaal kapitaal daalt. Mensen gaan elkaar mijden of opsluiten binnen hun cultuurgemeenschappen. Je kan dus mensen niet de ongebreidelde vrijheid van levensstijl geven. Er dient een Leitkultur te zijn.

Het derde argument van Hendrik Bogaert, en waarschijnlijk één van de meest moeilijk begrijpbare, is dat van schaal. Diep in onze psychologie redeneren we lineair. Als een factor met één eenheid stijgt, dan stijgt het effect ook met één eenheid. Veel sociale processen werken zo niet. Nassim Nicholas Taleb legt in zijn boek Skin In The Game uit hoe o.a. de minderheidsregel werkt.

Taleb beargumenteert dat een onverzettelijke minderheid diens wil kan opleggen aan de flexibele meerderheid. Zo zal een minderheid aan allergene mensen hypoallergene producten aan de meerderheid opleggen maar evengoed zal een kleine minderheid aan moslims hetzelfde doen met halalproducten. Het zijn de interacties tussen personen die de uitkomst op een grotere schaal bepalen, niet de optelsom van het aantal personen.

Hendrik Bogaert vindt dat uitdrukkingen van religie met een groter aandeel dan 5% verboden dienen te worden. De vraag is: wat is de referentiepopulatie? Neem je geheel Vlaanderen, dan kan de hoofddoek nipt verboden worden (aandeel moslims is rond de 6%) maar neem je een dorp ergens in de stille Kempen, dan is het aandeel veel kleiner. En waarom 5% en niet 10% of 1%?

Bogaerts essay kwam net te laat. Onderzoekers van Rensselaer Polytechnic Institute ontdekten als een onverzettelijke, homogene groep de kaap van 10% bereiken, de meerderheid onherroepelijk hun ideeën overnemen. Dit toont aan dat sociale processen niet-lineaire uitkomsten kunnen teweegbrengen. Het geeft wel een (voorzichtige) basis om identitair beleid op te stoelen.

Doch moeten we Taleb in het achterhoofd houden: je kan best beginnen vanaf het kleinste niveau. Het is namelijk vanaf daar dat het verder verspreid. Het hoofddoekenverbod is een voorbeeld: dit kwam als een reactie op enkele scholen in Antwerpen en werd vervolgens gegeneraliseerd naar heel Vlaanderen. De kritiek van de Raad van State is net dat: het is disproportioneel om buiten die Antwerpse scholen de hoofddoek te verbieden.

Conclusie

Zelfs als je het niet eens bent met de specifieke maatregelen van Hendrik Bogaert, de algemene gedachte kan iedereen wel mee eens zijn: segregatie is dodelijk voor een gemeenschap en daarom kan de vrijheid van godsdienst niet onbeperkt zijn.

Sommige centristen in Europa begrijpen dat het identitaire het politieke is (om een bekende slogan van de feministen te parafraseren). Er dient een limiet te komen aan hoeveel immigranten een samenleving kan verwerken, er dient een limiet te komen aan wat voor culturele uitingen we kunnen tolereren.

Othman El Hammouchi kan dit perfect begrijpen. Ik heb begrip voor zijn aanspraak op zijn liberale rechten maar net dat is het probleem. Liberalisme geeft geen waarde aan de westerse cultuur, het ziet alles gelijkwaardig.   Meer liberalisme is niet de oplossing als het probleem gecreëerd is door het liberalisme. Minder liberalisme, of beter gezegd de juiste balancering van het liberalisme, is de remedie.

Volgens mij is de heilsleer van de liberale rechtsstaat op zijn retour. Het is niet opgewassen tegen de problemen van vandaag. Er is een paradigmaverschuiving nodig naar het communitarisme. De dichotomie tussen majority rule en minority rights is voorbijgestreefd. We dienen te evolueren naar community spirit. De communautaire democratie, de synthese van liberalisme en autoritarisme, is de toekomst.

Naast oprechte aanspraken op het liberalisme zijn er ook bepaalde actoren die de volledige islamisering van West-Europa beogen en liberalisme slechts als een middel zien voor dat doel. Of met een parafrasering van Erdogan: "Liberalisme is als een trein. Je stapt af vanaf dat je je bestemming hebt bereikt." Zulke lieden dienen ontmaskerd te worden.
0